Hallo Meneer Start Up, ik ben Het Aapje!

Mijn eerste werkweek bij Amsterdamse start up Týrsday is afgevinkt beste mensen. En ik vind daar wat van. Ik ben namelijk een super newbee in de wereld van start ups. Jaja, want deze monkey heeft haar werkervaring namelijk vooral bij grote jongens opgedaan. De Big Four, telecom, ministeries en onderwijs slash medische instellingen. Dat werk. Sinds ik de start up-wereld ben binnengewandeld, verwonder ik mij. Met een grote glimlach. Vanaf nu neem ik jullie mee in mijn Alice in StartupLand-avonturen. Let’s go!

Ik heb mijn solliegesprek en eerste werkweek op Týrsday’s kantoorboot gehad. Dat klinkt in principe nog niet heel spannend, maar wel als ik zeg dat die bateau op de Amstel lag te shinen, pal voor de Hermitage. Dus dan hebben we het over een triple A-locatie. Oh. Is dat sensationeel dan? Voor een kantoorklerk zoals ik, die gewend is bij grote corporates te werken, waarin je huis in een muffig kantoorkolos woont van pakweg tien verdiepingen hoog langs de A1, is het antwoord: Ja. Om het nog scherper te stellen: Als je op een regulier kantoor werkt, dan vinden teamuitjes plaats op ‘leuke’ locaties zoals een salonboot door de grachten. Precies, zo’n boot waar ik dus nu op heb gewerkt. De boot als uitje versus de boot als kantoor. Zoek de verschillen in hipsterheid. Anyway. Aan het roer van Týrsday staan twee partners, Gijsbregt en Mathys. Gesprek 1 had ik met Gijsbregt op de bateau en gesprek 2 met Mathys in Tyrsday’s nieuwe hi-ha-hipster onderkomen TQ aan het Singel (over die nieuwe office blog ik next time). Beide gesprekken met de heren partners gingen vloeiend en organisch. Maar toch ook spannend. Immers, ik had mezelf helemaal in de shine gezet als contentwriter en niet als contentmanager. En toch voelde het goed. Zij hadden/hebben het vertrouwen in mijn expertise en hadden/hebben vooral heul veel zin mij dingen te leren. Over hoe Týrsday werkt, de tech die zij gebruiken voor het storytellen voor klanten. Zet dat naast een random sollicitatieprocedure van een willekeurige corporate en zoek de verschillen. I promise, je bent next year nóg bezig. Van de humorloze notificatiemails zoals ‘bedankt voor je interesse in ons bedrijf. U ontvangt spoedig bericht over het verloop van de procedure’ tot aan de classic afsluitende pay offs die je roept na je eerste gesprek, such as ‘Nou, dank voor het leuke gesprek. Succes met de procedure en ik hoor het nog wel’, is niemand nooit echt beter geworden. Ik daarentegen van een high five van Mathys bij wijze van ‘je hoort nog van ons’ na ons gesprek, wel. Slechtlange zinnen, ik weet, maar voelen jullie het verschil? De vibe?

Dan de hele attitude van start uppers, zullen we het daar eens over hebben.
Vorige week kreeg ik enthousiast uitleg over de kwartaalrapportages die ik binnenkort zelf moet draaien. ‘Heb je weleens eerder met Google Analytics gewerkt’ peilde Gijsbregt, precies op het moment dat ik mijn moeilijke Alpha-face opzette (lees: ik ben Alpha, dus ik ben van de fancy woorden&zinnen dus sterf ik een langzame dood als ik moet werken met stats, tabellen en cijfers moet interpreteron). Ik kon op dat moment twee dingen doen: a) heel stoer mompelen dat ik ‘weleensooitlanggeleden’ met GA heb gewerkt (klopt ook wel, maar heb het verdrongen) of b) heel fierce ‘nee!’ roepen. Ik koos natulek voor optie b). Waarop Gijsbregt dit riep: ‘WAT TOF, DAT BETEKENT DAT JE IETS HEEL NIEUWS BIJ ONS GAAT LEREN!’ Totaal beduusd van dit rammende enthousiasme vluchtte mijn blik van de schrik naar een vrij intimiderende kwartaalrapportage op mijn Mac-scherm. En daarna had ik een binnenpret-momentje. Wát een gasten zijn dit. Zo blij als ze zijn en zo ready om kennis met je te willen delen. Daar kunnen corporates wel wat van leren met hun opleidingsbudgetten-bureacratie en ‘even kijken of we iemand kunnen vrijmaken zodat je zo snel mogelijk aangeschakeld bent’ (man man man).

Allesh is natuurlijk nog brand new. Maar als je Trello (kom ik zo op terug) meteen vol wordt gestopt met meeting bij klant, eindredactie en interviews met klanten, dan heb je me hoor. De verantwoordelijkheden die ik krijg en het vertrouwen dat ik het ga fiksen, wordt gepresenteerd met een energie die ik niet meteen kan thuisbrengen, maar wel heel anders aanvoelt dan wat ik normaal gesproken gewend ben. Minder reserves en argusogen van kantoorklerken die zich allang en breed door de noeste kantoorhierarchie hebben gebilaat, gejaargesprekt en geheidag-geworsteld. Wél heel veel meer Gaan met Banaan, met dat eindeloos aanstekelijke enthousiasme. What’s not to like eigenlijk (nou ja ok: KWARTAALRAPPORTAGES als ik toch moet kiezen).

Heb ik het al gehad over al die vernuftige en zo voor de handliggende apps die Týrsdayers gebruiken? Slack, hun.eigen cms Create, Google Docs (heb ik natuurlijk zelf allang maar werk er alleen maar xgvdfoefsdfesresrz),
en Trello (voor iedereen met planningsfobie). Ik zou bíjna mijn statige Outlook, de excelsheets (oh joy), de G-schijf en de eventuele kapotvage afdelingsschijf waar werkelijk niemand verder bij kan, missen. De overzichtelijkheid versus de zwierige apps die onderling lekker wat-jij-wil aan elkaar zijn getweakt. Ik overweeg Trello bij mijn vriend te introduceren. Samen hebben wij namelijk een te belachelijk druk leven, waarin planning van levensbelang is. Maar first things first: eerst maar eens kijken hoe ik mijn tweede week bij deze leuke jongens en meisjes van Týrsday er vanaf breng. Spreek jullie laters. Of zullen we Slacken?

Mag ik uw aandacht voor hamburgers en friet?

Ik ben nu een kleine maand onderweg met heel uitsloverig sporten (gemiddeld vier keer per week) en het uitbannen van gezellige doordeweekse drankjes waarbij ik in het weekend (lees: een donderdag schuurt ook tegen het weekend aan duss) af en toe een cheat day mag hebben. Afgelopen donderdag voelde dus als een mooie dag om los te gaan op mijn eeuwige liefde voor friet en snacks. Het was toevallig zo’n avond na werk waarin niet-rijdende treinen vanaf Amsterdam-Zuid een hoofdrol speelden. Mijn beste escape is dan altijd om via Schiphol naar Roffa te reizen. Werkt altijd vet prima. En recht zo die gaat, liep ik van de roltrap direct door naar de Burger King. Met een frietje mayo en crispy kipnuggets ging ik met een intens gelukkige glimlach aan een tafeltje zitten. Dit dienblad vol diepgefrituurde snacks voelde niet slecht maar juist als beste besluit van de dag. Een andere beslissing die vrij rap kwam was om mijn foon een keertje onaangeroerd te laten. Want aandachtig en rustig eten past in een gezond en verantwoorde manier van consumeren. Je raakt gewoon verstandiger verzadigd i.p.v het standaard snel wegroeren van snacks (om een uur later gewoon weer trek te hebben, maar dat geheel terzijde). Enfin. Met mijn foon diep in mijn tas geduwd genoot ik van elk frietje en van elk hapje nugget. Het niet doelloos naar schermpje staren leverde ook gewoon een soort mindfulness-moment op. Wat heerlijk om een keer gewoon je omgeving te observeren. Of gewoon de tijd nemen om je knapperige nugget te bestuderen: de goudgele korst, het sappige kippenvlees (really, Ramona).

Ook was ik even vergeten hoe chill de Burger King is om mensen te observeren. En erachter komen dat de meesten toch corresponderen met het doel van Burger King: fastfood verkopen aan mensen die nul boodschap hebben aan mindfulness, aandachtig eten en rust. Welnee. Ik heb nog nooit zo veel mensen zo hard whoppers, friet en nuggets naar binnen zien werken. En die telefoons hè. Die belanden nog net niet in den slokdarm der mensheid. Naast mij zat natuurlijk zo´n paradijsvogel. Een soort theelepelvrouwtje met te grote jas en te lelijk haar. Lelijke bril ook. Ze praatte tegen haar foon. Doe ik misschien ook weleens, maar dan thuis uit het zicht van het volk. Het klonk een beetje Willy Wartaal-ish. Ze had ook een speakertje bij zich. Net gekocht, want ze frutselde het ding uit een kartonnen doosje, waarna het een prominente plek kreeg tussen de friet en haar hamburger. Tegen deze opstelling begon ze opnieuw te pruttelen. Af en toe belde ze ook (niemand). Ik kreeg een beetje een brok in mijn keel. Normaal gesproken omdat ik te gulzig een hamburger weg probeer te kauwen en nu om het hoopje sneu naast me. Is er dan niemand die dit vrouwtje opvangt of iemand die voor haar zorgt? Of misschien maakte ik me te druk en is het gewoon helemaal prima met haar en is ze met al haar beperkingen juist knap zelfstandig dat ze erop uit is en haar eigen mindfulnessmoment bij de Burger King heeft.

Wie ben ik om daarover te oordelen?

Lonely op de Zuidas

Pubquizzen met eenzame ouwe besjes en baasjes. Vorige week organiseerde één van mijn favoriete organisaties, De Nieuwe Poort, dit event in de Week van de Eenzaamheid. Ok, vooruit er zat ook een vet praktische reden achter. DNP zit op de Zuidas, om de hoek van station Damsko Zuid, twee koprollen van de VU vandaan. Enfin. Ik had écht zin, om na een dag knallen op de VU, die eenzame oudjes te entertainen. Maar dan niet only the lonely, dus nam ik mattie Maarten mee (die voor het gemak ook in Damsko Zuid woont). Wat ik tof vind aan DNP, is dat het eigenlijk een enorme ballentent is waar voornamelijk Zuidas-yuppen hangen, maar dat de events en lezingen allemaal een zinsgevings- en/of sociaal component hebben. Ik vind het dikke prima dat al die royaalverdieners lekker kunnen omrollen in hun targetgeladen borrelpraat. En daarna met datzelfde bierige enthousiasme, vol gaan voor een kletspraatje met een eenzame oudere bijvoorbeeld. Vind ik leuk.

‘Ik heb Gabriël gezien, badend in het licht, echt waar’, probeert Henk, een bijna tandenloze zeventigplusser het ijs te breken. We zitten aan een tafeltje waarin ik ben ingedeeld samen met nog een andere eenzame dame ‘uit Perzië’ en twee millennials, die allebei bij ABNAMRO werken. Ik word direct geconfronteerd met Henk’s confession. En ik moet heftig naar het toilet. Vet vervelend. Want je weet dat hoe eindeloos Henk ook in de herhaling valt over zijn Gabriël, jouw luisterend oor een niet in geld uit te drukken cadeautje voor hem is till the day he dies. Dus hield ik de boel op, en luisterde ik naar Henk. Ik vroeg Henk of ie het niet eng vond om opeens zo’n stralend engelenapparaat in zijn kamer te zien. Nope. Want voor hem was dit zijn meest mooie ervaring in een bewogen leven met te veel zware momenten die hij terloops noemde (maar die ik hier gewoon even níet ga noemen). Iemand die zo veel troost vindt in een engel, en dan toch doodeenzaam is. Taai vond ik dat. Mattie Maarten zat ondertussen supergeanimeerd aan een ander tafeltje, met twee zilvergrijsharige gesoigneerde dames aan de witte wijn. Strakke actie, die wat mij betreft valt in de categorie: Hoe regel ik chicks met levenservaring- les 1 voor gevorderden.

Dit zijn geen eenzame oudjes mensen. Dit zijn stiefpa en mijn mama. Prachtig stel, omringd door liefde. Ik wens elke oudere zo'n leven toe.

Dit zijn geen eenzame oudjes mensen. Dit zijn stiefpa en mijn mama. Prachtig stel, omringd door liefde. Ik wens elke oudere zo’n leven toe.

De pubquiz zelf was de volgende brute confrontatie. Wij youngsters dachten vantevoren natuurlijk alle ‘hedendaagse vragen’ met twee vingers in de neus te kunnen fixen. Maar, die hele trits superpopulaire hitjes van het niveau Ed Sheeran die de pianist eruit knalde, zorgden vooral voor veel samengeknepen oogjes en het welbekende ‘shithoeheetidiezangeresnou!!’-repertoire. Ook hielp het niet dat de aan ons team toegewezen gay-oudere, Ben, totaal niet aangehaakt was aan onze missie. Onze missie om de hoofdprijs (borrelhapplateau) binnen te halen en weg te kunnen tijgeren. Nee joh. Ben die herkende geen enkel liedje (‘is dat uit mijn tijd??’, ‘is het waar??’) en kon het plaatje met een houten unit uit het jaar 10 voor Christus (lees: een ouderwetse tol) ook ‘echt niet’ thuisbrengen. Uh, organisatie der DNP, volgende keer wel even strenger recruiten aan de verzorgingstehuispoort a.u.b. Want dit was echt té hard werken voor ons puppies met Ben. Die, ondanks dat hij schitterde in afwezigheid, een frequent DNP-ganger bleek te zijn. ‘De vorige evenementen hier waren ook altijd heel gezellig hoor’, aldus Ben. Nja Ben, we pakken zo je wandelstok nog af. Met je gezellig. Maar gelukkig bleek Ben wél zijn waarde te tonen bij het onderdeel quotes. Bij een wereldberoemde wie-kent-m-niet-uitspraak, sprong hij namelijk spontaan van zijn stoel. Vorige week had Ben namelijk nog een film gezien met deze memorabele uitspraak erin. ‘Het is van Ghandi’. Ghandi was natuurlijk niet het juiste antwoord, maar het bitterballenfestival sleepten we uiteraard wel glorieus binnen. Hoezo sterk staaltje scenarioplanning. Daarna liep de zaal langzaam leeg. Ben bleef nog even hangen en Henk was zoek. Die bleek beneden aan de bar te zitten. Alleen. Met zijn rug naar de bierdrinkende millennials, turend naar de lila neonverlichting boven de bar. Zou hij Gabriël weer hebben gezien?

‘This life is what you make it. No matter what, you’re going to mess up sometimes, it’s a universal truth. But the good part is you get to decide how you’re going to mess it up.’ – Antwoord C: Marilyn Monroe.

Kom vooral zelf een keertje buurten bij DNP, vind ik ook leuk.

‘Hey collega, walk jij even mee met je broodje rosbief-unit?’

Lunchwandelen. Moet ooit bedacht zijn door een kantoorknakker tijdens zijn meest lamlendige kantinesessie ooit. Vreugdeloze boterhammen met humorloze plakken ham. De remi appel, de good old glas karnemelk tegen osteoperose. Iedereen kent deze superinspirerende Hollandsche lunchattributen. Allemaal doen ze dienst als hulptroepen die het gros van de kantinetafelgesprekken nog een beetje van niveau, sjeu en jus moeten voorzien. Van de ‘he he, nou nou, poeh poeh, tis me een weertje wel vandaag hoor, gelukkig smaakt mijn boterham met boterhamworst me weer helemaal prima. Hoe is die van jou? Kan je kijken of ik soep tussen m’n tanden heb?!’ tot de eindeloos uitgemolken ‘keje die nieuwe Netflix over die pelisieagente die haar eigen echtgenoot per ongeluk doodschoot al, uhm hoe heet die blonde ook alweer Henk?’ Kantinelunches. Het moest toch een keer ophouden met die claustrofobische, volkomen kansloze kantoorgesprekken. Het halfuurtje van je baas waarin je wordt geacht dertig tergende minuten over een kleffe boterham en je seksloze glas fruitsap aka water met suiker en een stuk of twintig E-nummers te doen. Met dat verfoeide non-descripte weerpraatje als ultieme topping. Bleh (en iedereen die dat nu glashard gaat zitten ontkennen lach ik snoeihard uit, seriously).

Nog even voor de hardleerse peoples die hier net komen binnenvallen: kantoorhangen is uit want een aanslag op je hart. Nee, dan lunchwandelen alias dartelen in kantoorpak. In combinatie met de vrije buitenlucht zorgt het namelijk voor dat felbegeerde glanzendgezonde blosje op je bleke, slechtdoorbloedde officeface. Bovendien is het gewoon gezond om de corporate bubbel met enige regelmaat te ontvluchten. Zodat je niet in een bedrijfsrobot transformeert, die nog enkel kan pruttelon over targets en return on investment-units. Dus kom ik ze op mijn mini-Appie Heyn’sprees’ in de lunchpauze steevast gezellig tegen. Mijn knappie Zuidasburen; complete pelotons aan mooie maatpakken en strakke mantelpakken die rechtstreeks uit de advocatenkantoren op de Zuidas, de Boelegracht oversteken naar de intens groene Willem van Weldammestraat. Allemaal aan de lunchwandelings richting de broodjesbar in het Gelderlandplein winkelcentrum.

Eerst euries klappen op kantoor, dan pas mag je buitenspelen, denk erom.

Eerst euries klappen op kantoor, dan pas mag je buitenspelen, denk erom.


Lunchwandelen. Volgens de Nederlandse Norm Gezond Bewegen zou 30 mins per dag volstaan. Make that 10 mins effectief wandelen waarvan 20 mins sloomsjokkend slap lullen over ‘goh blijft toch nice, ff naar buiten, lekker vitamine D klappen jongens’ of ‘zullen we hier de agile-uitkomsten nog even delen, nu we het er toch (nog steeds) over hebben?’.

Het is eigenlijk heel geestig om te zien dat het kantoorleven zich gewoon verplaatst naar buiten. De saaie kantooronderwerpen veranderen niet, maar worden gewoon in dat ene half uurtje naar buutn getransferd. Maar voor het ‘gevoel’ zijn de dudes en dudettes van het grote geld dan toch even aan de crazy Zuidas ontsnapt.

Op de weg terug kom ik weer een groepje wandelende dassen tegen: ‘Ik had het al tegen Thomas gezegd, dus. En alles was al besproken en uhm, wat doet zij? Zij gaat het weer hé-le-maal.. [ ]’ Ah kijk an. De knappe (dat dan weer wel) roddeljongons. Dan is zo’n besloten VIP-innercircle lunchwandelings zonder nieuwsgierige business-unitcollega’s toch echt wel reuzehandig hoor!