Monkey’s Mind fucks

Luister dan, ik ben vast de enige met deze not-really-first-world-problems. Zeker nu in het Corona- en George Floyd-tijdperk. Maar laat ik het zo zeggen: Corona vergroot dingen uit. Je wordt je meer bewust van dingen aka je verveelt je kapot thuis en gaat muiten vanwege klein ongemak.

Maar waar heb je het dan over, Aapje? Nah. Beetje lastig uitleggen. Voorbeeld: verpakkingen die een bepaald gevoel kweken. Maar als je het spul in de verpakking consumeert, dan krijg je niet het gevoel wat het product de hele tijd opdringerig zit te pluggen. Of dat bepaalde drankjes of voedsel niet goed gaan in bepaalde materialen. Is deze uitleg intens verwarrend? Ja dat vind ik ook. Daarom meteen hier mijn Top 3:

  1. The things you drink
    Melk en thee drink je uit een beker. Maar melk drink je niet uit een theeglas. Wijn drink je uit een glas maar niet uit een beker. Want de smaaksensatie is anders, ja toch? Dus lesson learned: bij elke vloeistof past een ander soort materiaal. Festivalwijn en bier smaakt toch prima uut plastic festivalbekers? hoor ik jullie zeggen. Ja, als je de 20K bekers bent gepasseerd en het geen ruk meer uit maakt waaruit je ‘m drinkt. Maar daar gaat het nu niet om. Zowel bier en wijn at je wat mij betreft het beste uit een passend glas. Plastic fantastic bewaar je maar voor je chirurgische ingrepen.

  2. Low in the glow
    Glow bodylotion. Wordt vaak verkocht tijdens festivalseizoen.
    Want je wil natuurlijk wel als een hipster glimwormpje op coachellainsta verschijnen (denkt niemand meer ooit). Ik heb dus zo’n glow-apparaat in huis. De Glow bodymousse van de Hema om precies te zijn. Het etiket is holografisch zilver van kleur, helemaal en totally in festivalvibe dus. Maar dan de spuitbus zelf: die is matzwart met een zwarte dop. En daar gaat het mis. Want in combinatie met het koele uiterlijk van het holografische etiket, lijkt de glow bodymousse eerder op een bus motorolie van de Lidl. Dus deze visuele mind fuck werkt voor mij averechts. Mijn glowbodymousse is dus zwaar werkeloos en staat zielig in badkamerkastje-hoekje te huilie. Beter was de kleur van de spuitbus fris wit hoor. Want de kleur zwart roept bij mij gewoon andere associaties op. Alsof ik me insmeer voor een dagje Zwarte Cross (hallo wrong doelgroep).

  3. Give 50 ct for high end scent
    Deze is classic: high end parfum uit de voordeeldrogist. Want als ik dan toch in den Kruidvat ben voor mijn shampoo, beter scoor ik tegelijk een flesje Jimmy Choo parfum voor de helft van de prijs. Voor een Black Friyayprijsje het gevoel kopen dat ik in een aura van Jimmy Choo high heels (in quarantainehuis) rond loop te paraderen, what’s not to like. Maarrrr, ik merk dat ik uiteindelijk toch minder feels heb met deze drogistparfums vergeleken
     met mijn collectie geurtjes die van de shiny Douglas komen. Echt stupid man. Zelfde product maar omdat de ‘beleving’ niet klopt (Jimmy Choo stond naast insectenspray), gelijk mijn neus ophalen. Ik ga in therapie voor mijn snobisme.

Alora, neem deze drie mindfuck issues even in je op en denk na. Ik ben benieuwd naar jullie lil’ first world problems die het leven zo intens boeiend maken. Joe!

Posted in Geen categorie

How about CoroNO’s

Wajoo deze Corona gooit roet in ons eten. Ik weet, de regels zijn voor het goede doel, maar het is taai man. Daarom: 6 X How about No’s. Jouw struggle is mijn struggle. Ja toch.

#1 AAN OSSO GENAGELD
Acryls zijn een tijdelijke NO. Mijn nagels. Ze lijken op Riri’s nagels wanneer ze zijn blijven haken tussen de schuifdeuren van Tiffany’s op Fifth Avenue. Mijn acryl-imperium is compleet kapot aan het gaan sinds de corona. Ik kijk naar stompjes en mis mijn glanzende pornonails. Maar nog veel meer heb ik zorgen om mijn nagelstyliste die met een bedrijf aan huis nu aan het struggelen is.

#2 MOND GEK(A)APT
Praten zonder lapje stof is sinds corona een NO. Gekapte mondjes vond ik tot nu toe iets heel stoms. Alleen Chinezen droegen/dragen het omdat zij wel moésten. Nu heb ik mezelf omgeluld en ook mondkapjes besteld. Bij een Indonesisch vrouwtje. Want ja, ik wil best in een lapje batik praten hoor. Maar dan wel met speciale Indische krachten erin gestraald tegen de coronageesten, duh. Trouwens, hoe ademen jullie door die dingen mensen? Ik word nu al spastisch van dat ding dat geen rekenings houdt met mijn lippenstiftlippen. Hoezo anderhalve meter smh.

Wat tutup mulut betekent? Google maar want je hebt toch niks te doen tijdens corona

Wat tutup mulut betekent? Google maar want je hebt toch niks te doen tijdens corona

#3 SLAY MY HAY
Hooikoorts hebben is (soort van) NO. Omdat ik dus hooikoorts heb, loop ik al bij voorbaat met een sniffend neusje de openbare ruimte in. Op zich handig want iedereen wijkt uit. Ja man, lekker rustig. Maar ik probeer ook weer niet al te opzichtig te snuiten want geen zin in de rollin eyes van Jan en Hannie. Die eerst überhaupt niet eens wisten dat ogen ook konden rollen. En dat dat een ding is.

#4 NOBODY TO ENVY MY LOOKS
Online shop cravings yay!: uhm NO. Online shoppen lijkt misschien de oplossing voor je depressieverschijnselen. Maar stop maar. Want voor wie shop jij die mooie schoentjes, voor wie heb je die highlighters op je face gezet dan? Voor precies niemand toch? Wij zijn uitgediscussiëerd op dit punt.

#5 DONE WITH DICIPLINE
Dicipline hebben: hell NO. Ik heb totaal nul corona-dicipline: ik sport niks (HOU OP MET MIJ MET DIE HINDERLIJKE VIDDY’S OP DE SOCIALS OM CORONAFIT TE BLIJVEN), ik drink wijntjes en eet wat ik lekker vind. Also me: elke frikkin day teken ik met make-up een gezichtje op mijn gezicht. Die dicipline heb ik dan weer wél. Totaal in de war ben ik sinds Corona.

#6 OLD SCHOOL IS THE NEW SCHOOL
Netflix all day? Gotta say NO. Huh? Kijk jij geen Netflix dan? Tulek wel. Maar mijn vriend heeft alle seizoenen van Twenty Four op dvd. Ik ben ooit opgehouden bij seizoen II. En daarna kwam een heel lange periode dat je dvd’s ging uitlachen want Netflix. Anyway. Corona is ook durven terug te gaan naar the old school. Echt hoor, heb serieus zin om een fanclub Jack Bauer-Wie-kent-m-Nog? op te richten.

Maar alles is different man. En irritant. Ik hoop dat ik met mijn zes coroNO’s in elk geval iets heb duidelijk gemaakt: je bent niet alleen met je woningstruggles. Peace out.

Posted in Geen categorie

Hey Hamsterstrijder, mag ik je Roley lenen?

Ik ben jealous. Op de vakkenvullers en de kassameisjes van me supermarkt. Want in deze tijden van Corona ga je de verschillen zien. Van wie belangrijk zijn in de maatschappij en wie precies niet. Alle peoples in de medische wereld zijn sowieso zonder discussie de allerbelangrijkste mensen op deze hele aarde. Ik heb ook altijd gezegd: als ik mijn studietijd over mocht doen, dan had ik geneeskunde gekozen. Een beroep waarbij alle andere functies en jobs makkelijk gedegradeerd kunnen worden naar het niveau van je-werk-voegt-niets-toe-aan-de-samenleving-maar-dan-ook-niets. Mensen beter maken, dát voegt iets toe aan de mensheid. In tijden van crisis wordt pas belachelijk duidelijk hoe insane nietsig iemands bestaan kan zijn. Neem influencers. Die in deze taaie tijden het nog presteren om in Burberry quarantainebroek en crop top met de caption: ‘stay home dikke kus’ op Instastory te verschijnen, dan ben je af forever. Nog een keer: Dokters, verpleegkundig personeel, virologen en onderzoekers zijn de mensen die op deze nederige aarde onbaatzuchtig hun ding doen. Hun ingewikkelde kennis en meesterlijke kundigheid is op dit moment van invloed op deleven van een compleet land. Een influencer? Die heeft invloed op 300k volgers met een totale waarde van precies nul. Dus dat.

Dan nu weer back to mijn jaloersheid naar vakkenvullers, kassameisjes en distributiecentramensen. Want boy, what a time to be alive voor deze minderjarige, structureel opzettelijk zwaar onderbetaalde (maar goed, wel thuiswonende) doelgroep. Sinds de Nederlandse intelligente lock down, is er een compleet nieuwe generatie geboren: de Hamster Warriors. Want het waren precies deze pukkelkoppen en onzekere tiktokkers van de wereld, die na die eerste Rutte- aankondigings, hun tweede osso moesten verdedigen tegen enge Nederlanders die dachten dat de Tiende Wereldoorlog was uitgebroken. De tiende ja. Sowieso, mensen die in crisissituatie niet kunnen tellen mogen niet meer meedoen. Maar anyway. Deze Hamsterstrijders moesten van hun vlees en groenteafdeling opeens verdedigingslinies stacken. Zichzelf desinfecteren tegen coronaspuwende wijven. Met toiletspray. En af en toe moesten ze paprika’s en avocado’s lasergamen naar de meest gewelddadige Hamster-Orks. Te erg gewoon. Ondertussen reed er een soort hysterisch A-team squad aan vrachtwagens op de weg met overschotten aan wc-papier. Waardoor wij de eerste twee weken van Maart deze toiletpapierhooligans keihard konden uitlachen op de socials. Want ja, wie zichzelf vrijwillig voor schut zet door ‘pleepapier is deleven’ te janken, dan weet je: nasty meme’s are coming right at ya peoples.

Maar goed. Ik jaloerzzz. Want het zijn deze knetterhardwerkende verveelpubers die de hele distributiebevoorrading voor een jaar voor heel Nederland, in slechts drie weken over de lopende band weg hebben moeten tikken. Want ze konden het natulek niet over hun onvolgroeide hartjes verkrijgen om die lelijke Hamster-Orks zonder die twintig pallets bosui naar buiten te laten gaan. Shit man. Dat al die hamsteraars normaal gesproken dachten dat bosui vers in het Kralingse Bos wordt geplukt, dat even terzijde. Alora, kassameisjes die omzet na omzet scanden. Met snelheden van 100 quirantainekoffies en gedroogde lockdownbonen per minuut. Allemaal rechtstreeks in de kassa: KATCHING!!! Wat denkie? Dat de supermarktmanager aan het einde van dit doldwaze boekjaar zijn welverdiende vakantie gaat vieren in 5-sterrenresort Benidorm Inn en z’n vakkenvullertjes naar de midgetgolf stuurt als bedankje?
Waaaaahhaha! Nee joh. Moet jij ‘s opletten. Want tegen die tijd betaalt de corona-omzet zich uit in die supervette gangsterbonus. Supermarktmanager Roel gaat strooien hoor met die roleys, gouden tiffies en 24 karaats naamkettingen in Tahoma 96. En brengt Roel zijn Hamster warriors voortaan thuis met zijn matzwarte Range Rover stretch. En terecht.

Daarom jaloerzzz, maar wel met heel veel respect. Dat dan weer wel.

Posted in Geen categorie

Don’t make your yoghurt our problem

Er zijn een paar monkey rules die gelden voor het OV-traject in heel Nederland:

  1. je bent fris en ruikt naar antitranspirant met actieve perzikmineralen, een hysterisch lenteboeket of versgemaaid gras. Zo niet: HUISARREST
  2. hey hey, je werktas is bestemd voor je Macbook, niet voor de Macfriet
  3. peoples die Tupperware-yoghurt naast je komen eten

Over punt drie moet ik het echt even met jullie over hebben. Over die yoghurt to-go mensen. Ik heb observaties gedaan. En ik vind daar wat van. Van mensen die ’s ochtends yoghurt transferen naar een plastic bakje. Het zijn bepaalde types (sorry, dit hokjesduwen gaat vanzelf).

Van de week kwam zo’n vrouw naast me zitten vanaf metrostation Pijnacker. Tussen Pijn en Den Haag Centraal zitten nog minstens, zeven stops en 19 lange minuten. Deze meid was al luidruchtig en begon telefonisch te vergaderen (ook deze soort peoples mogen van mij direct voorgeleid worden naar de Kantonrechter waar ik ze daag voor metrovredebreuk). Dus ik was spontaan cranky. En om het nóg erger te maken haalde ze opeens een giga plastic apparaat vol met yoghurt uit haar lelijke sleurhut (lees: handtas waar met gemak een huiskamerinboedel in gegooid kan worden).

Op dat moment ging ik in rap tempo van cranky naar nasty. Als in: ik beschermde de linkerkant van mijn lichaam met mijn leven. Als er ook maar één spat yoghurt een landing zou maken op mijn, met smaak uitgezochte, zwaar fashionable jas-broekcombinatie, dan zou ik haar gaan slaan.

En het was echt heftig. Ze zat hardop te vergaderen (vrouw, het boeit niemand in deze coupé dat je vindt dat je collega ‘dat moet aankaarten met haar eigen leidinggevende’. Echt, wij leren niks van deze conversatie, stop ermee), en tegelijkertijd stopte ze zichzelf vol met lauwe zuivel.

Vooropgesteld: we live in a free country, gelukkig. Dat maakt dat je heus je yoghurt ergens anders mag opeten dan in je osso. Maar. De manier waarop je dat doet, dát is cruciaal. Want op het moment dat je een PUBLIEKE VOORZIENING gebruikt, betekent het dat je rekening met elkaar houdt. Deze vrouw deed niks geen rekenings. Ze at en praatte alsof ze op kantoor zat. Alleen. Alsof niemand haar meevroeg om te lunchen. En daarom uit pure frustratie solo besloot te gaan schreeuwen en vreten tegelijk.

Ik durfde ook niet naar haar te kijken. Want geheid zat haar pratende mond vol met yoghurt, iew. Vrouw, where was your dignity. Die had ze helaas thuis gelaten. Volgende keer yoghurtvrouwtje: neem je fatsoen mee en laat Friesland Campina lekker thuis, ok dushi?

Posted in Geen categorie

Bananen&Sterren aflevering #Monkey in hipsterparadise

Wat kun je bedenken als een legendarische Rotterdamse horecatent (BAR) uit de strip op het Schieblock moet vertrekken en jij als horeca-ondernemert de verdrietige leegte moet opvullen met torenhoge expectations van alle nachtvlinders van Roffa en de Barianen in het bijzonder? Ik zou maagwandperformaties van de stress krijgen, aan de drank gaan en mezelf omrollen in een wietplantage. Zoiets.

Je kunt ook denken: ik parkeer het eeuwig vlammende BAR-aureool koelbloedig maar met respect, strip vervolgens het pand, gooi het vol met hipster planten, een bar plus vintage game-units en voîla: de nieuwe hipsterhangplek POING is geboren. Een prima plek voor de voormalige BAR-hooligans; een prima plek om in een totaal andere vibe het eerste deel van je nightlife te beginnen.

Poing is ‘How do I recognize hipsters-for dummies’ maar dan realtime. Je hoeft er geen online boekje voor open te slaan om het profiel van een hipster uit je hoofd te leren. Bij Poing lopen ze los rond in de audience en ook achter de bar staan vrolijke hipsters drank te schenken. De hipstermeisjes, de ogen slechts opgemaakt met een streepje vegan mascara van de Lush, dragen high waists en oversized vintage sweaters met die verantwoord grafisch vormgegeven V erop. Iedereen loopt óf op afgetrapte Vans of op doc Martens like no surprise yo. Ook bij Poing: op je skateboard met je goofy been naar binnen, recht zo die gaat richting de airhockeytafels of flipperkastings. Cool. De hipsterboys hebben allemaal een trui met ‘malle geeky opschrift’, of juist naturel zonder opdruk maar wel van een fakking hipster start up label dat natulek verder níemand kent.

Oh ja. Heb je de ernstige behoefte om af te studeren op het gebied van zuurstofrijke plantjes? Het soort plant dat je nodig hebt als je lelijke bash-bestie op visite is en je aan de beademing moet omdat ze zo dominant thee bij je zit te drinken? Bezoek Poing en jeweet allesh van gezonde plantjes en hoe je die verantwoord kunt stylen. Gewoon wat sloophouten plankjes in vieren hakken, noncha overal en nergens tegen de muur knallen en daarop zet je dus die groene vriendjes van je. Succes gegarandeerd.

Dan, de barbites bij Poing. Ik had uiteraard al een voorstudie van de kaart gedaan en toen was ik eigenlijk al verliefd geworden. I mean, als je kimchi bitterballen, cendol en ayam taliwang (!) op je menukaart zet en hoe-spoel-ik-al-dit-lekkers-weg-drankkaart, die onder andere bestaat uit milkshake banaan-wodka (Hallo Banaan en Wodka, willen jullie met mij apenkooien??!!), dan heb je me hoor.

Alora, hier is ons recensieresultaat van de ayam taliwang kipwings: in 1 woord AMAYYYYZIIIINNGSSS!!!! Maar echt serieus, het pindasausje bij die kipdingen was de showpony van de avond: boy, wat smaakte die intens en genuine naar de pindasausjes die ik gewend ben te eten bij Indonesische streetfood. De smaak van het wat waterige sausje (hoort zo) was heel aards, vol en megagoed op smaak gebracht. Can’t wait to try all of the menu guys!!

Dan de Arcade. De vintage arcade vol geeky games is natuurlijk wat Poing zo leuwk maakt. En dat was het ook. Ik heb gegild bij airhockey en Photo-Play en was helemaal van slag (in a good way) dat ik het Sega basketbalspelletje zo traag onder de knie kreeg. Boyfriend aka gamegeek liep hier sowieso zielsgelukkig en superhappy rond. En je weet, as long bae happy, imma happy.

Conclusie: Poing is een toptent, lekker low key, met supervermakelijke games en overheerlijke barbites. Je moet uiteraard wel hipsters kunnen handelen. Verwacht hier dus geen Kylie Jenner lookalikes en Gucci-fannypacksboys in Clan de Banlieu tracksuits, maar met nul monnie on the banks. So you know.

Poing is worth vijf sterren en bananen 🌟🌟🌟🌟🌟

Poing vind je aan de Schiekade 201, Rotterdam. Funfact: roken kan op de buitenplaats bij Biergarten en Annabel.

Posted in Geen categorie

Het Aapje houdt van bananen, sneakers en kleertjes (doneren). En jullie?

Ik heb de laatste tijd weer een Youtube viddy-obsessie erbij: Alle Youtubes over hoarders. Hoarders aka peoples die zichzelf in hun huis helemaal volstacken met troep, vaak verzameld door de jaren heen. Ik kwam er later pas achter dat hoarden eigenlijk een psychische aandoening is. Door verlies van een dierbare worden sommige mensen een soort hangjongere van hun eigen positieve herinneringen. Ze blijven bijvoorbeeld hardnekkig hangen aan spullen uit hun jeugd. Een jeugd waarin die overleden dierbare nog leefde. Hoarders zijn in staat om na twintig jaar nog steeds te knabbelen op hun babybijtring-in-staat van-ontbinding. Of ze worden eeuwige vriendjes met hun konijnenknuffel zonder oren. En zonder ogen. Maja, was wel eerste knuffel hè. Ja, de eerste knuffel gewonnen op de kermis. Hangen aan een herinnering next level is dit. Hoarders zijn hangjongeren die agressief worden als je aan hun Kingdom of Meuk komt. Als je één vinger uitsteekt naar hun precious inboedel, dat rijp is voor de kliko, dan krijg je direct gratish en voor niets een plek in de hel van ze. Tot zover het profiel van een hoarder.

Dus het is wel zielig, al die beroepsverzamelaars. Maar ik vind het dus wel allemaal aymaaazings. Want in al dat zieligs zie ik dan weer iets poëtisch-melancholisch. Ja, dat vind ik. Vanuit psychologisch point of view vind ik het intrigerend. Ik heb filmpjes gezien waarin de verzamelaars tijdens een grote schoonmaak superemo worden en/of outrageous. Omdat ze afscheid moeten nemen van een totaal beschimmeld supermarkttasje. Omdat daar blijkbaar een dierbare krop sla in had gezeten, gekocht toen hij/zij net op kamers ging. Of deze: “Ik wil deze set van vier totaal verroeste schroeven niet weggooien omdat het misschien ooit (in een uhm parallel universum?) nog een keer van pas gaat komen.”

In mijn familie zitten ook een paar stevige verzamelaars. Mijn moeder en stiefvader om maar een voorbeeld te noemen. Heb er dit blog over geschreven. Moet er wel bij zeggen dat het bij hun niet extreem is. Mijn moeder is geen hoarder maar heeft gewoon oog voor mooie dingen en is zuinig op al dat moois. Ikzelf ben het gelukkig ook niet. Ja ok, toen ik nog studeerde verzamelde ik alles wat met krokodillen te maken had. Ik moet hier mijn wijlen opa van de schuld geven. Het zit zo. Mijn grootouders hadden altijd een opgezette kaaiman op de kast staan. Toen ik ontdekte dat mijn opa de kaaiman zelf had gevangen en had opgezet, begon mijn fascinatie voor dit beest. Helemaal toen ik in een dierenboekje las dat een krokodil er misschien heul gevaarlijk en log uitziet, maar eigenlijk een enorme goedzak is met een superwankel gebit en een fat belly. Soort van spirit animal dus. Ik voel dit dier. Ik begon met een krokodillen-theepot, bekers en fluffy krokodillen. En ik eindigde bijna met een krokodillentattoo op mijn rug. Op zich was het nog best een uitdaging om fluffy crocodiles te vinden want die verkopen natulek voor geen meter. Ze zijn niet aaibaar, zien er niet cute uit, etc. Des te meer ik het een sport vond om ze wél te scoren. Maar goed, we moeten door met het verhaal. Ik ben dus geen extreme verzamelaar geworden. want die krokodillenperiode ligt al ver achter me. Thank U God.
Sterker: ik ben heul erg van het weggooien en weggeven aan kringloop of familie&vrienden. Bij mij helpt het gewoon om regelmatig op te ruimen en dingen weg te flikkeren of te doneren. Alsof mijn hoofd dan ook meteen lekker aan de kant is, snap jij snap ik. Het gevoel dat er dingen in huis liggen die niet of nooit meer gebruikt gaan worden werkt superverstorend in mijn brein.

20191104_151948

Er is wel uno exception op mijn lean life en dat is: kleding. Hoewel ik best regelmatig een doos doneer aan een weggeefhoek op fb, of een zak afgedankte fashion naar de H&M sleep voor een kortingsbon (duh), blijft mijn kleding- en shoesstash uhm royaal gevuld. Met speciale vermelding van sneakers: Daar heb ik ook meesterlijk veel van. Dat weet mijn vriend ook. Die deed vorige week toen ik jarige job was, nog een extra lieve investering door mij een paar schitterende Stan Smiths cadeau te doen. Daar liep ik hoor, PattaPrinses met nieuwe aanwinst. Ik ben dan wel Het Aapje, maar vooral ben ik het meisje van de kleertjes en de schoentjes.

Een PattaPrincess, een ex-krokodillenverzamelaarster, een hoarder-symphatisant en een fanatieke spullenwegflikkerares (oh hallo Scrabble). Wat een leuwke LinkedIn-bio is dit eigenlijk, ja toch?!

Posted in Geen categorie

Loempia? Loempinee!

Loempia. De meest ondergewaardeerde snack. Ever. Ik bedoel, dit overheerlijke gefrituurde apparaat wordt altijd als side kick bij rijsttafels geserveerd. Hallo! Een loempia is een snack op zichzelf en géën bijgerecht, hoedan mensen. Ik kan het gewoon niet aan als peoples dat allemaal gaan vermengings. En dan hebben we het nog niet eens over de verwesterde snackbarloempia. Het enige wat je daarmee scoort zijn ontplofte smaakpapillen omdat je met de vulling eigenlijk voegen kunt insmeren. What’s wrong with you people.

Dat vroeg ik me onlangs ook af toen mijn vriend tijdens een Netflix binge-sessie een doosje Vietnamese loempia’s van de Dirk in de oven gooide. Want wat er na twintig minuten terug kwam op het bord weet ik niet eens meer, heb het verdrongen. Wat ik wel weet is dat ik jankte als een baby, bij elke hap steeds dikkere traantjes. Maar even serieus: de loempia’s kwamen om te beginnen niet dampend uit de oven met dat sexy krokantbruine jasje. Neen, ze bleven in die bleke deegkleur hangen. Dubbele janksessie als gevolg. Nou houd ik best van een eet-uitdaging, maar albino-loempia’s gaan me toch echt een stapje te ver. Dan de inhoud. Welke inhoud bedoelen ze precies? Er zou kip en groente in motte zitten. All I got waren drie sprietjes wortel en een hompje kool met zepige smaak. Mijn vertrouwen in de thuissnackwereld stortte meteen in elkaar die avond. Maar vooral was ik zwaar beledigd. Kijk, ik snaps dat het fabrieksloempia’s zijn. En dat ze daarom met de minst mogelijke inspanning en nul liefde met duizenden tegelijk door illegale Polen in een tochtige fabriekshal door een loempiamal worden geduwd. Maar dit, Dirk van de Broek, is echt grote schande. Het is hands down voedselverkrachting op landelijke schaal. Bovendien leert deze supermarkt verkeerde aannames aan. Nu denken alle boerenkinkels in Holland dat Vietnamezen kaolo slechte smaakontwikkeling hebben. Maar maakt niet uit want boerenkinkels snappen sowieso niks van smaakverfijnings want snuiven hooi en lopen te lang op klompen. Hersens gaan daar kapot van. Anyway. Deze loempia’s die dus alleen geschikt zijn om je schoonmoeder een permanente buikperforatie te gunnen liggen legaal bij de Dirk. Kan niet hè, gewoon stoppen met het produceren van deze ongelofelijke shit. Loempia? Loempinee zul je bedoelen!

Om niet al te zuur af te sluiten heb ik gelukkig de ontdekking van de eeuw gedaan. De boyfriend nam me laatst mee naar eethuis Afobaka in Kralingen. Niet alleen een begrip voor Kralingers maar blijkbaar al duizend jaar voor heel Roffa. En ik als import-Rotterdammert snapte het meteen toen ik het insane lekkere menu las. Waarna ik meteen als Michelin-test een broodje kippenlever bestelde. Die was vet mals. Kippenlever is dangerous food omdat als je niet goed bakt, het vlees transformeert in rubber. Afobaka for life dus. Helemaal omdat ze ook hete tofu goreng met rijst en boontjes hebben. TOFU GORENG OMFG. Het is dat je niet kunt trouwen voor de wet met een toko, maar anders had ik een aanzoek gedaan.
20190816_182231-01
On top of this hadden ze blikjes roasted cocconut juice van FOCO. Ik kende deze variant niet maar na de eerste slok jankte ik al. Dit keer van geluk. Want het smaakt superveel naar Es Kelapa Kopyor: vers geschaafd jong kokokvlees, vers kokoswater met suikersiroop en geschaafd ijs in de mix. En jeweet, muziek, geuren en ook smaken kunnen je instant meenemen naar good memories en fijne sferen toch. Dat blikje Foco roasted cocojuice deed dat. Ik was 350 ml lang osso in Indonesië while in Kralingen. Nou jullie weer.

Posted in Geen categorie

Het Aapje droomt van kokosnotendingen

Toen ik laatst fruitig onder de douche vandaan kwam en me insmeerde met kokos bodylotion van Nivea en daarna op de bank kroop met thee en skinny Oreo’s met kokosvulling dacht ik: Kan Unilever nou echt nergens vanaf blijven en moet de innocent kokosnoot nu echt zo commerciëel uitgebuit worden?
Dat laatste is natulek een superflauwe opmerking want kokos zit al sinds het jaar kruik in alles wat we lekker vinden. Maar echt hoor, Als Bounty uit het snoepschap verdwijnt dan bied ik spontaan ‘Zijn jullie Locos blijf af van mijn Kokos’-petitie aan aan de Tweede Kamer. I mean, ja toch? En verder alles met kokos verandert gewoon in holiyay vibes, ook al heb je net al je vakantiedagen opgemaakt met huis klussen en kapotsaaie bezoekjes aan je schoonfamilie. Hoe? Je smeert kokosolie in je haar en je ruikt de rest van het jaar naar alle seizoenen van Hawaii Five O, ook al zie je er in het echt uit als Klazien uit Zalk.

Kokos is magic shit man. En toch ben ik een soort van hypocriet kritisch naar al die kokostoevoegingen in producten. Zodra kokos in fabrieksdingen wordt geprocessed, dan voelt het alsof het echte, het pure van kokos bruut wordt weggehaald en plaatsmaakt voor een slechte dupe ervan. I mean, ik ben een pinda die in Indonesië heeft gewoond. Het land dat palmproducten en kokos tot kunst heeft verheven. Van echte palmboomonderdelen maak je osso’s en van echte kokosnoten maak je superlekker voedsel. Kijk er een paar afleveringen van Expeditie Robinson bij voor de do it yourselfs en je hebt verder niks meer nodig in de leven. Kokos is magic shit like I said.

Dus waar jank ik eigenlijk over? Ja weet ik veel. Ik betaal rustig zes euro voor Nivea body met geprepte kokos-mineralen (what the feck zijn dat voor dingen) meanwhile koop ik voor dat bedrag in my hometown een stackvol aan Es Kelapa Kopyor (schaafijs met verse kokos en gecondenseerde melk) voor de rest van mijn leven. Rekensommetje is snel gemaakt toch qua what is the real shit en what not. Maar hee, ik woon nou eenmaal in een land en met een salaris waarvan ik Unilever kokosdupes kan kopen zonder dat ik meteen onder een brug lig in een kartonnen doosje, dus dit alles is dubbel, snap jij snap ik.

Dus blijf ik voorlopig alles consumeren wat bij benadering op the real coconuts lijkt en while I’m typing this: bestaan die good old kokosmakronen nog dat jullie weten?! Want boy die zijn me toch een partij vet lekker!! Fabriekskokosmakronen van Bakkerij de Gulden Krakeling, ja die ja. Fake ass kokos as hell, maar genoeg lekker als tussenoplossing. Totdat ik weer mijn vacay naar mijn hometown heb geboekt en op een bankje zit te chillen met een echte, genuine Es Kelapa Kopyor vol sappig kokosvruchtvlees en fruitigfris kokoswater regelrecht van de boom. Hasta Luego!

Posted in Geen categorie

Hallo quinoatosti’s van me, alles goed?

De zomer is, op een paar hinderlijke natuurrampen in de vorm van nasty regen na, eíndelijk begonnen. Zo fijn dit. Alles geeft licht. De stad ziet er sexylekker uit, dikzakken met oranje muil aka meeuwen, terroriseren je bak patat en mensen met een eeuwig kuthumeur hebben opeens humor of zijn gelukkig dood. Waar ik heen wil: de zomer is ook altijd hét moment dat social media bruut wordt aangerand door allerlei hysterische persberichten. En die gaan allemaal over hetzelfde apparaat, namelijk de foodtruck. Die foodtrucks komen dan met containers tegelijk naar een onschuldig stadspark. Daar worden pinautomaatjes heel geniepig tussen de veganistische milkshakes met ham-tarwekiemflavour verstopt en dan opeens heten ze festival. Aaahhhhw hoe leuk is dat.

De hele zomer in de knallende hitte, of juist in de stortende regen gramproof pics maken van bakjes overprized vegan sushi en keukens op wieltjes. Stiekem ben je gewoon jaloers dat je je eigen keuken en verkering niet af en toe de parkeerplaats op kunt rollen voor de rust. Gezellie met de meidon naar een foodiefestival hoor! Al die provinciechickies lekker erop uit om fijn een daggie te chillen bij een walmende buitenbbq: #bbqblessings. En/of chicks die allemaal met dezelfde synchroonzwemmende linkerhand -vol signature goldplated ringetjes van Anna&Nina, een overheerlijke graspollen-kaviaarlolly vasthouden: ‘Say #foodtruckforever #squadgoals#cheese!!!’. U begrijpt, ik heb helemaal niks met die foodtrucks. Of eigenlijk bedoel ik: het is weer hoog tijd om hipsterdingen te bashen. This time the monkey is coming at ya foodrukkersss.

Want wat is dat toch met die inmiddels totaal overrated foodfestivals? Vertel het me dan. Het zijn er ook gewoon te veel. Luister, ik hou zielsveel van eten. Dus wil ik best mijn bekkie branden aan een premium foodtruck-wagyuburger die ik direct wegspoel met een festivaltrucklauwe IPA. Waarvoor ik dan zonder te knipperen tachtig euries betaal, inclusief foodtruckpolsbandje in de kleur HipsterHigh. No spang. Ik steek dan wel gelijk die truck in de fik en loop voor de rest van het seizoen met diepe zielenpijn onder mijn arm. Maarr, ik heb dan wel een puik foodtruckfestivalletje afgevinkt. Netjes tog gewoon! Nee mensen, het ís niet gewoon. Het is abnormaal slecht. Slecht voor de monnies en slecht voor het milieu of all dingen. Want hipsterproducten zoals quinoa, dwangarbeidvrije koffie en met de hand geweven kaneelbroodjes moeten dus nog wel vervoerd worden. Soms uit een vergeten Hollandsch biologisch boerengat ergens in de 13e provincie. Maar de meeste hipsterexotische spullen worden toch echt door Air India overgevlogen met een dikke lel kerosine per kilometer rechtstreeks in de oceaan. Alle Dory’s dood joh.

Het is eigenlijk kapotgrappig hoe mijn rant jegens foodtrucks is begonnen. Namelijk bij mijn vriend thuis. Daar realiseerde ik me eigenlijk, al scrollend door die opdringerige foodtruckberichten, dat wij praktisch elk weekend mooi ons eigen festivalletje zitten te draaien. De fridge als ons eigen coole foodparadijs. Helemaal volgeramd met superlekkere drankjes en snackies. Om elkaar vervolgens knapperige loempia’s en dampende shoarmarolletjes te serveren. En in ronde twee bestellen we bellen homemade Spritzers voor elkaar. What’s verder on het krijtbordmenu? Wat dachten jullie van de lekkerste tortillas met zelfgedraaide guacamole en kaasknakworstcroissants? Weg te spoelen met limoenbiertjes en Magnums? Anders nog iets? Geen rijen en geen muntjes voor de dixie. Oh ja, de band is ook fakking rad: boyfriend draait, terwijl ik mezelf intens rond eet, op zijn draaitafels supersexy techno tot het ochtendgloren.

Hier kan geen #foodtrucksquadforlife tegenop, het is #rizki. Wollah.

Posted in Geen categorie

Het Aapje heeft Xenosfobie

Nederland, 13 maart 2018: de Xenos kondigt aan failliet te zijn en alle winkels gaan sluiten (gaat verder als Casa maar daar ga ik het hier verder niet over hebben).
Nederland, 3 april 2019: de Xenos kondigt aan een doorstart te maken en dat de winkels snel weer open gaan met een vet vernieuwd concept.

Dit klinkt voor mij oprecht als een scenario van een B-film. Want ik word de laatste tijd he-le-maal gek van al die boo-fakking-hoo faillisementsopzeggingen en de superirritante doorstarts die ze daarna vaak maken. Maar dat is toch fijn, Aapje. Dat de mensen weer gezellig monnie kunnen stukslaan op spullen die ze nooit nodig hebben? Nee daar is niks fijns aan apenkoppen. Ik heb serieus de haat aan inconsequenties in retailland. Want dit: op het moment dat een winkelketen waar ik zelf (best wel vaak) kom, roeptoetert de deuren te gaan sluiten dan gaat direct een heel intens rouwproces van start. Dan condoleer ik mezelf, bel ik huilend dinnetje Suus op die altijd gezellig mee gaat naar die ‘nutteloze dingen kopen is goed voor je algemene ontwikkeling’-winkelt. In dit geval dus de Xenos die met tachtig filialen tegelijk landelijk het loodje legt en met de complete inboedel in een kist gaat zitten liggen, zonder aan ons te denken. Xenos failliet, de aap in full verdriet. Ja U hoort me wel.

Vervolgens verzamel ik alle Xenos-meuk die ik in huis kan vinden en ga daarna keihard tussen mijn zoute tranen door, er een altaar van bouwen. Hup stacks bouwen met die familiezakken theelichtjes, slechtsmakende kruidenthee, nep-Boeddha’s, Mediterraan-ish olielampjes-made-in-China en van die idiote houten Alzheimerbordjes die je in je osso hangt voor het geval je niet weet waar de KITCHEN ook alweer is. En waar de meest strategische plek is om een drol van episch formaat te draaien. Want aan die deur hang je natuurlijk zo’n fancy sloophouten bord met WC erop. Maar goed, ik fiks een altaar dus. Kan ik er dagelijks een vet potje tegenaan lopen jenken omdat ik de Xenos zo vreselijk mis.

En wat doen die directiegasten daar vervolgens op het half afgestorven hoofdkantoor? Die trekken na twaalf verdrietige maanden plotseling weer een blik veelste dure curatoren open en bedenken een doorstart-apparaat. Oh joy. Daarna mag de communicatie-afdeling een superfout persbericht de deur uit knallen: ”de Xenos maakt een doorstart want er zijn financiers gevonden. De mensen die wij eerder keihard hadden ontslagen, trekken we uit hun uitzichtloze modder waar we ze eerst nog face down zelf inpleurden. Ze krijgen gratis valium en anti-depressiva in een Xenos-cocktailglas. Daarna kneden we ze weer in de vorm van wandelende Xenos-aanbiedingsfolders. Tot slot worden ze in een nieuwgestoomd Xenos-doorstartpakkie weer fris en fuitig achter de Xenos-kassa gesoldeerd, met een sloophouten bord boven hun hoofd waar KASSA op staat, waaaaa.”

Ja hallo en ik dan??! Ben verdomme in deze rouwperiode platgeappt door familie en vrienden die 24/7 checkten of het wel goed met me ging. I mean, poets ik elke dag mijn altaar glimmend, komen ze weer terug met palets vol theelichten die ik al een jaar lang had verdrongen in hun existance. Hoe dan mensen? Ik sta serieus al een jaar in de gym op de loopband met een frikkin rouwband om (bij wijze van dan hè).

Nee mijn rant is nog niet helemaal klaar. Ken je dat gevoel? Dat je zeker weet dat er iemand tussen zes planken ver ver onder de grond ligt en dat je, na die ene horrorfilm die per ongeluk op Netflix stond te pruttelen, steeds denkt dat die persoon opeens als een zombie weer voor je neus staat? Dat gevoel krijg ik bij doorstarts van winkels. Zo slecht voor mijn gezondheid, dit soort schijnbewegingen in winkelland. Het moet echt ophouden.

Here’s the deal: winkelketens die het slecht doen moeten gewoon ballen tonen. Je hebt je best gedaan, het is niet gelukt, je gaat op je bek, blijft daar te lang liggen en uiteindelijk ga je dood. Prima. Leven gaat verder, ook zonder toiletbordjes exclusief geproduceerd voor de allerdomsten. Maar ga daarna niet lopen muiten en kom vooral niet het rouwproces verstoren, door als een iets te blije eikel uit je freaking as te gaan herrijzen.

One more thing. Als de Action aankondigt failliet te gaan dan kom ik hoogstpersoonlijk langs. Met mijn ME-vriendjes (die ik niet heb), én met een noodverordening van de gemeente Rotterdam (kan niet, maar even voor het idee). En de muur van Trump. Die laat ik ook overvliegen. Dan kunnen die Mexicans gewoon gelukzoekings doen in de VS en kunnen die hijgerige faillisementswolven niet bij de favo winkel van mij en mijn vriend komen. We hebben het wel over de Action hè. Dé Godmother of all winkels die, als de wereld vergaat, werkelijk álle spullen van je natte dromen verkoopt. Spullies waarmee jij een compleet nieuwe planeet kan knutsellijmen, waarop jij dan lekker kunt gaan lopen chillen. Op je Action-opblaastroon. Met in de armleuningen plenty ruimte voor Action-badeendjes in de vorm van een koekje, Action-afwasborstel met aromatherapie en een Action six-pack waterperoxide haarverf in maat L. Exactly. Allemaal spullen die je precies níet nodig hebt in life. Met je Xenos.

Posted in Geen categorie